Snuffelende honden zijn optimistischer | Dogzine

Snuffelende honden zijn optimistischer

snuffelende hond

Honden houden van snuffelen, van het gebruiken van hun neus. Niet alleen ruiken ze veel beter dan ons mensen, het is voor honden een methode om hun sociale wereld te leren kennen, wie is er langs gewest, wat heeft hij gegeten, is ze loops?  Tijdens een normale wandeling, zonder onze sturing, is een hond zo rond de 33% van de tijd bezig met snuffelen en ruiken. Nu vinden we dat lang niet altijd leuk, zeker niet als we haast hebben, het flink regent of het bijzonder koud is, om maar een paar voorbeelden te noemen. Maar toch is het beter om ze wel te laten snuffelen, want honden krijgen er een veel optimistischer kijk op de wereld mee. Dat blijkt uit een recent onderzoek van Prof. Alexandra Horowitz en Drs. Charlotte Duranton.

Het onderzoek maakte gebruik van een optimisme-test - ook bekend als cognitieve bias - waarbij honden eerst werd geleerd dat een kom op één bepaalde locatie altijd voedsel bevatte, terwijl een kom op een andere locatie nooit voedsel had. Vervolgens werd op een plek ergens precies tussen die locaties een lege kom geplaatst. Daarbij is het idee, dat je als je de tijd meet die een hond neemt om bij die nieuwe kom te meten, die al dan niet voedsel bevat, een optimistische hond dat sneller doet dan een pessimistische hond.

20 volwassen honden van verschillende rassen namen deel aan het onderzoek, waaronder Australian Shepherds, Huskies, Cocker Spaniels en kruisingen. De helft van de honden deed thuis veel “neuswerk”, mocht veel snuffelen, de andere helft deed “hielwerk”, moest dus meelopen met de baas en mocht veel minder snuffelen. De honden namen deel aan een groepsles met hun eigenaar (neuswerk of hielwerk), daarna oefende de eigenaar één keer per dag een week lang thuis met zijn hond. Daarna volgde een tweede les, gevolgd door een tweede oefenweek thuis. Onmiddellijk voor en na de twee weken van de activiteit nam elke hond deel aan de cognitieve bias training en test. Voorafgaand aan de activiteiten waren er geen verschillen tussen de twee groepen honden in de cognitieve bias-test.

Aan het einde van de twee weken was de tijd die de honden uit de neuswerk-groep nodig hadden om de “ambigue” kom te bereiken heel wat korter dan bij de eerste test, aan het begin van de twee weken. Voor de “hielwerk”-honden was de tijd echter precies gelijk gebleven. Honden die werden getraind om te genieten van het neuswerk, na een periode van slechts twee weken, waren meer bereid om een stimulus met een onzekere uitkomst te onderzoeken. Deze resultaten suggereren dat neustraining de honden aanmoedigde om zelfstandig te werken, om zelfstandig keuzes te maken en om iets met autonomie uit te zoeken. Misschien ervoeren ze ook iets dat leek op optimisme. Deze resultaten suggereren dus dat honden in de neuswerkgroep optimistischer waren. Maar waarom het verschil?

Een van de redenen kan zijn dat honden die neuswerk deden veel keuze hebben in wat ze doen, ze kunnen zich vrijer verplaatsen en leren zo beter probleemoplossend bezig te zijn. En het succesvol oplossen van problemen zorgt ervoor dat je je beter voelt.

Een andere reden zou kunnen zijn vanwege de kans die ze krijgen om hun neus te gebruiken. Geur is het belangrijkste gevoel voor honden en het is belangrijk om hun omgeving te vergroten door ze de gelegenheid te bieden om hun belangrijkste zintuig te gebruiken en normaal gedrag te vertonen.


 


Een derde reden zou kunnen zijn dat honden het doen van neuswerk an sich al als beloning zien, en dus gelukkiger, optimistischer zijn. Dan biedt dit experiment meerdere beloningen, namelijk het voedsel, maar ook de kans lekker te snuffelen.

Dit onderzoek toont aan dat het belangrijk is om onze honden keuzes te geven, mogelijkheden om zelf beslissingen te nemen en kansen om hun neus te gebruiken. Dit doen is goed voor hun welzijn, wat waarschijnlijk de reden is waarom de training in het neuswerk tot betere resultaten leidde dan bij het hielwerk.

De bottom line is simpel: laat een hondenwandeling echt voor de hond zelf zijn, en als ze je hier en daar naar voren of achteren trekken met hun neus op de grond en af en toe snuiven, laat ze het dan doen. Het niet toelaten voor honden om te snuffelen en hun neusgaten en andere zintuigen te oefenen zou een vorm van sensorische deprivatie kunnen zijn. Wanneer honden bij het uitlaten haast moeten maken, krijgen ze niet de gelegenheid om verschillende geuren te proeven en te verwerken en wie weet wat dit met ze doet. Deze vorm van sensorische deprivatie kan verwoestend zijn, omdat ze gedetailleerde informatie verliezen over hun sociale en niet-sociale werelden.

Wellicht ook interessant

snuffelende hond

Snuffelende honden zijn optimistischer

Honden houden van snuffelen, van het gebruiken van hun neus.